Stap 28 van 35Lichten
Hoofdstuk 9 · 10 regels

Lichten

Dimlichten, grootlichten, mistlichten en parkeerlichten op het juiste moment gebruiken.

Onderdeel 1Welke lichten en wanneer

1

Waarvoor dienen de lichten?

Officiële bron · art. 30.1.1 · laatst gewijzigd 2008-01-29De grootlichten moeten echter gedoofd en door de dimlichten vervangen wordenOpen het volledige artikel op Justel
Met de dimlichten ziet u in het donker duidelijk en wordt u gezien, zonder anderen te verblinden. In de hoek ziet u het groene symbool van de dimlichten.
De grootlichten worden ook verstralers genoemd. Ze dienen om ver vooruit te zien en om gezien te worden. In het kader ziet u het blauwe symbool van de grootlichten.
De lichten van een wagen dienen om duidelijk te zien en om door de andere weggebruikers gezien te worden, zonder hen te verblinden. De standlichten geven het minste licht.

[L11_01_0.jpg] Met de dimlichten ziet u in het donker duidelijk en wordt u gezien, zonder anderen te verblinden. In de hoek ziet u het groene symbool van de dimlichten.

1 / 3
Om te zien en om gezien te worden, zonder anderen te verblinden. Je auto heeft dimlichten, grootlichten, mistlichten en standlichten.

Deze les hoort bij de volledige toegang

Hoofdstuk 1 is gratis. Je kunt hierboven de eerste regel van deze les lezen; de rest van de les en de oefenvragen ontgrendel je met een pakket.

Bekijk de pakketten

Regels in deze les

  1. Standlichten en achterlichten branden mee
  2. Wanneer moet je ze gebruiken?
  3. Wanneer grootlichten verboden zijn
  4. Voormistlichten
  5. Achtermistlicht
  6. Mistbank
  7. Geparkeerd in het donker
  8. Extra lichten tijdens het parkeren
  9. Eén parkeerlicht in de bebouwde kom

Test jezelf

Kies een niveau. Vragen die je nog niet zag of fout had, komen eerst.